Water, zeep, warmte en wrijving. En wol – die zou je bijna vergeten. Vier w’s en één z, handig te onthouden. Wwwwz.
Wwwwz is het in beweging brengen, het langs elkaar doen schurken van wolvezels tot hun openstaande schubben, die we kennen van reclames van de Pantene, in elkaar blijven haken. Het is een proces van boenen en klitten en slaan en trekken en als je dat doorloopt, dan heb je vilt.
Vilt is een tussengebied. Een vervilt schaap is een verwaarloosd dier, een viltend mens oogt creatief. In Turkije vilt men langs de mannelijke lijn. Of ten minste: de wol wordt tegen de borst geslagen. Men steekt die borst vooruit en stuit de wol tegen de borst, klopt zich de wol op de borst, en drukt zich de vezels op het hart.
W+w+w+w+z dus, leidt tot vilt.
Hüseyin Umaysız leidt tot vilt.
Hij leidt tot yoghurt en gerezen brood en nu dus ook tot vilt.
De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat we een beweging van Huseyin hebben gemist. In maart. In maart is hij stilletjes voor twee weken naar Urfa, Koerdistan vertrokken, voor een bezoek aan viltmeester Kadir Karci. Een meester die zich de wol, zoals de traditie het vraagt, nog combineert met de borst.
In april gaat Hüseyin opnieuw op reis. Naar Noorwegen dit keer. Ook nu heeft hij vilt voor ogen. Hij gaat in gesprek met Berilsu Tarcan (die van die leuke website), die met haar vilten kennis promoveert aan de Noorse Universiteit voor Wetenschap en Technologie.